In Nederland is de christelijke politiek voorzover we daaronder mogen verstaan de ChristenUnie, het CDA en de SGP georganiseerd in partij verband. Er zijn maar marginaal christenen te vinden binnen de andere op niet-christelijke grondslag gebaseerde partijen. Er is geen helderheid over wat nu de christelijke politiek dient voor te stellen, tenminste niet onder de vertegenwoordigers van de christelijke partijen. We zullen afzonderlijk ingaan op het fenomeen partijdiscpline en het begrip christelijke politiek.
Partijdiscipline
Het valt op dat in Nederland geldt: wat de partij in haar partijprogramma heeft neergelegd en dat wat ze als gedragen gedachtegoed ziet is ontegenzeggelijk belangrijk. Individuele politici kunnen zeer moeizaam onafhankelijk opereren. Individuele politici worden dan wellicht juridisch beschermd voor een gedwongen partijdiscipline middels het leerstuk van last. De kamerleden stemmen immers zonder last, zie art.67 van de Grondwet. De wetgever heeft de gevaren van partij discipline zo het lijkt ingezien aangezien de individuele kamerleden zelfs zonder nog bij de partij te zijn aangesloten, de jaren tot nieuwe verkiezingen mogen volmaken. Zelfs door deze regels voorkomt men de beknellende partij discipline niet. Kamerleden dienen zich te houden aan de partijlijn en het partijprogramma. Het is welhaast onmogelijk om in een debat aan te geven het oneens te zijn met een partijgenoot. Het is dus een must om de partij discipline zo veel mogelijk te voorkomen, dit zodat de regering gecontroleerd kan worden. De fracties van CDA, ChristenUnie en PvdA dienen niet in de achterkamertjes afspraken te maken met de bewindsvoerders. Zij staan los van de regering en dienen individueel het regeringsbeleid te controleren. Dat is ook de manier waarop we de gekozenen het beste kunnen representeren en ons landsbelang het beste kunnen dienen.
Christelijke politiek
Terugkomende op christelijke politiek dienen we te constateren dat we de opdracht hebben meegekregen in alle gezagsfuncties de eer van God te zoeken. Alle gezag is van God en Romeinen 13 spreekt over de overheid als instelling van God. Kuyper zegt: ‘Er is geen enkel terrein in het leven waarvan God niet zegt, het is mijn!’. De overheid is de dienares van God, wat betekent dat we in alles de wil van God dienen te zoeken. De wil van de meerderheid is voor de christen-democraat het hoogste, echter dient de wil van God het hoogste te zijn. Dit betekent niet dat we de Bijbel als spoorboekje dienen te gebruiken voor de overheid. De noties van de Bijbel zijn algemeen en niet specifiek met betrekking tot de overheid. Er wordt van ons verwacht dat we als christen participeren in de politiek.
Vaak wordt de legitimatie van christelijke politiek in twijfel getrokken. Hoe kun je als Christenen jouw religie en voorschriften aan een ander opleggen, zonder dat men als burger daar zelf voor kiest? Het is een breed aanvaarde drogredenering. Iedere politici, al is hij van de PVV danwel van de SP heeft bepaalde ideeen met betrekking tot het goede en het kwade. Deze ideeën wil de partij inzetten en vertegenwoordigen in de politiek. De ideeën zijn niet objectief, ook vallen ze niet buiten de moraal. Het is een merkwaardig misverstand dat liberalen zeggen dat moraal buiten de politiek dient gehouden te worden, dat is volstrekt onmogelijk. Zelfs al zou je alles op zijn beloop laten en nergens in intervenieren als overheid, heb je bepaalde ideeën over hoe je de samenleving zou moeten inrichten die verre van objectief zijn. Blijkbaar stel je dan bijvoorbeeld autonomie van het individu op de eerste plaats.
De christelijke politiek ziet het belang in van het gezin, hanteert het recht op een rechtvaardige wijze en ziet de overheid als een noodzakelijk kwaad. Door de zonde is het nodig dat een overheid het recht handhaaft en haar burgers beschermt. De overheid dient geen allesomvattend verband te worden, een verband dat de taken van de kerk overneemt, de taken van het gezin en de solidariteit (naastenliefde) institutionaliseert.
Het eerste leidt tot een overheid als anonieme hulpverstrekker in plaats van een dichtbij staande kerk, het tweede leidt tot gebroken gezinnen en het derde zorgt voor het wegebben van ons morele besef en het scheppen van laksheid met betrekking tot onze naaste. Middels het recht dient de overheid het kwaad in te dammen en de bevolking rechtszekerheid te verschaffen voor een werkbare samenleving.
Christenen dienen zich terdege bewust te zijn van de grenzen van de staat. Goede bedoelingen zonder het bewust zijn van de grenzen van staatsfunctioneren zijn verwerpelijk. Als christenen dienen we ons te bezinnen op de taken van de overheid en de samenleving. De verschillende verbanden in de samenleving hebben elk hun eigen structuren.
Een gevolg van de grote staat van vandaag de dag is totale verjuridisering van de samenleving. Dat terwijl inner control danwel het gecorrigeerd worden door diegene die dicht bij je staat vele malen effectiever is. Ook heeft deze grote staat desastreuze gevolgen voor ons morele besef naar bijvoorbeeld onze naaste. Eenieder heeft namelijk het recht op leven, een dak boven het hoofd en een uitkering, waarom zouden wij iemand helpen. Zelfs de kerk dient bij hulp vaak door te verwijzen naar de overheid, omdat de overheid de taak van de kerk nagenoeg heeft overgenomen.
In het bijzonder bij de geesteswetenschappen zien we op de academie een nogal autoritaire en arrogante opstelling ten opzichte van het verleden. Het heden wordt gepresenteerd als een resultaat van een lineaire ontwikkeling die zich continu blijft doorzetten. De geschiedenis is aaneengeregen van onwetendheid en bijgeloof. De rationaliteit wordt steeds meer omarmd en die was in het verleden nagenoeg afwezig. Dit zijn aannames die niet te verifieren zijn en hoe ironisch, ze zijn ook nog eens volstrekt irrationeel. Wie kan er een bewijs geven voor een lineaire ontwikkeling van de geschiedenis naar een paradijs op aarde? Blijkbaar kan men geloof niet wegrationaliseren.
Nadat Groen van Prinsterer, Abraham Kuyper en anderen decennialang hebben gestreden voor de vrijheid van onderwijs staat deze vrijheid vandaag de dag weer ter discussie. De publieke opinie verplaatst zich steeds meer naar de opvatting dat het bijzonder onderwijs zou moeten worden afgeschaft. Redenen voor deze verschuiving zijn; de slechte kwaliteit van islamitische scholen en de hetze van de linkse media. De (linkse) politici sluiten zich bij de media aan (politici zijn vandaag de dag in onze mediacratie bijna per definitie populisten). Zij zien hun utopisch ideaal van een één neutrale openbare school al decennialang gedwarsboomd.Men ziet de kans om nu eindelijk eens een einde te maken aan deze vrijheid.
Wellicht bent u op de hoogte van de plannen van minister Plasterk m.b.t. onderwijs. Volgens Plasterk is het niet meer van deze tijd om het onderscheid te hebben tussen wetenschappelijk en beroepsgericht onderwijs. Vandaar ook dat we beiden met elkaar moeten verenigen. Nu is het natuurlijk lovenswaardig dat Plasterk zich eindelijk weer eens op het beleidsterrein van onderwijs begeeft. Ondertussen was namelijk half Nederland vergeten dat hij ook nog minister was van Onderwijs. Lintjes doorknippen, opkomen voor homo-emancipatie (in feite: acties ondersteunen die destructief zijn voor homo-emancipatie) en een uitgekiend mediabeleid zijn de terreinen waar de gewone burger hem zou plaatsen.

Nadat Boris van der Ham zijn hypocrisie ten toon spreidde m.b.t. de openingsspeech van Rouvoet op het World Congress of Families kwam Andre Rouvoet met een volstrekt onhelder verhaal. We moeten bruggen slaan tussen verschillende gezinsvormen, of dit nu eenoudergezinnen zijn of gezinnen met 2 ouders van hetzelfde geslacht. Onderscheid dient er niet gemaakt te worden, laat staan dat we het traditionele gezin als ideaal zien.
De Bolkesteinen zijn vandaag de dag schaars in de politiek.